Eerste generatie
Jan Mathys Cornelissen (1811 – 1874)

In den beginne

De geschiedenis van onze brouwerij gaat helemaal terug tot de eerste helft van de negentiende eeuw. Jan Mathys Cornelissen brouwde bier in Gerdingen op een steenworp van Opitter. Hij was gehuwd met Anna Maria Cornelissen en gaf het nobele ambacht door aan zijn zoon Joseph (Jef) Cornelissen, die Brouwerij Cornelissen uit de grond stampte. Jan Mathys Cornelissen was de eerste van intussen zes generaties Cornelissen met de trotse ‘JC’-initialen.

Tweede generatie
Joseph Cornelissen (1859 – 1950)

De Groote Oorlog

De ambitie van Jef levert hem in Opitter de burgemeestersjerp op. Maar hij kent ook tegenslag. De brouwerij heeft zakelijke bekommernissen en zijn echtgenote laat in 1899 het leven bij de bevalling van hun elfde kind. Bij het uitbreken van De Eerste Wereldoorlog komen er opnieuw donkere wolken. Grondstoffen zijn maar beperkt verkrijgbaar. Tot overmaat van ramp wordt Jef in februari 1918 met zijn twee zonen Jaak en Jan door de bezetter gearresteerd op beschuldiging van spionage (“Spionage en overbrenging over den draad”). Jef wordt ter dood veroordeeld, maar zijn straf wordt gelukkig nog omgezet in levenslange dwangarbeid. Met het einde van de oorlog ontloopt Jef ook deze straf.

Derde generatie
Jaak Cornelissen (1890 – 1962)

De bierondernemer

Jaak Cornelissen, zoon van Jef, neemt de touwtjes van de brouwerij in handen en koestert als ondernemer grote plannen. Rond 1936 heeft hij een nieuwe brouwerij gebouwd naast het bestaande gebouw, gericht op lage gistingsbieren. Hier wordt sinds 1937 de Pax pils gebrouwen. Jaak brengt ook figuurlijk leven in de brouwerij, en is vanaf 1952 enkele jaren de populaire burgemeester van Opitter. De talrijke verenigingen die bij hem aankloppen krijgen steeds gehoor bij Jaak de brouwer.

Vierde generatie
Jan Cornelissen (1924 – 1979)

Wereldoorlog II

Jan Cornelissen, die hun vader Jaak jarenlang heeft bijgestaan, zet daarna de familietraditie van het brouwen verder. Ondanks de prille leeftijd van 16 jaar neemt hij de zakelijke kant voor zijn rekening. Zijn broer Leo stapte ook in de zaak, en verzorgde de administratie. Samen nemen de broers ook de eerste exportstappen met de brouwerij, met hun Kronenbier dat bestemd was voor de Duitse markt.

Jan Cornelissen

Vijfde generatie
Josephus Cornelissen (1950)

Brouwersmicrobe

Bij zijn overlijden in 1979 liet Jan tien kinderen na, zijn broer bleef ongehuwd. Uiteindelijk is het Jef Cornelissen, de oudste zoon van Jan, die na zijn studies aan de brouwerijschool in Gent de brouwerij overneemt. Net als zijn grootvader Jaak is Jef besmet met de brouwersmicrobe. Onder zijn bewind wordt er geïnvesteerd in moderne machines, nieuwe technieken en gebouwen. Tegelijk waakt Jef over de familiewaarden en ambachtelijke brouwtradities waarmee de brouwerij (nu nog genaamd Sint-Jozef) groot geworden is.

Zesde generatie
Jef Cornelissen (1981)

Trots op Cornelissen

Naar goede traditie is Jef Jr., zoon van Jef Cornelissen, na zijn studies mee in het familiebedrijf gestapt. Sinds 2014 zet Jef Jr. met trots de lijn van JC’s verder. De ambitieuze toekomstplannen van Jef worden gebouwd op familiewaarden, kwaliteit, authenticiteit en smaakbeleving. Het wordt duidelijk dat de brouwerij voortaan op wereldschaal gaat werken, met een neus voor de groeiende exportmarkt in andere werelddelen. Intussen is de oude naam Sint-Jozef vervangen door de eigen familienaam: Brouwerij Cornelissen. De toekomst is inmiddels ook verzekerd: met kinderen Jacob en Julie groeit de zevende generatie van Cornelissen – compleet met JC initialen – intussen op in een rijke familiegeschiedenis.

Breng ons een bezoek

Wil je de sfeer eens letterlijk en figuurlijk komen proeven? De geschiedenis beleven op de locatie waar al meer dan 160 jaar met liefde gebrouwen wordt? Dan ben je welkom bij Brouwerij Cornelissen. Plan je bezoek via de onderstaande link.